De kwestie van migratie en identiteit wordt steeds complexer

Afgelopen jaar vierde België 50 jaar migratie. Omdat België behoefte had aan werkwillige zielen sloot ons land 50 jaar geleden akkoorden met Marokko en Turkije over de arbeidsmigratie. Generaties migranten vestigden zich in België. Maar hoe gaan zij om met de invloed van het migratieproces? Een gesprek met Redouane Ben Driss, psycholoog en psychotherapeut.

FaceMePLS (CC BY 2.0)

Redouane Ben Driss, psycholoog en psychotherapeut, vertelt over de complexe relatie tussen het denken in generaties en migraties.

Hij begeleidt hulpverleners die met migranten werken in opdracht van het Centrum voor Geestelijke Gezondheid (CGG) en het Steunpunt Cultuursensitieve Zorg in Brussel. Ook werkt hij met allochtone families, ouderen, en jongeren die het psychisch moeilijk hebben.

Hoe denkt u over de relatie tussen generaties en migratie?

Ben Driss: In mijn praktijk als psycholoog heb ik al een aantal generaties geholpen. Zelf ben ook ik een kind van een migratiegeneratie.

Pas op, ik spreek als psycholoog en niet als socioloog, maar ik geloof dat het migratieproces een grote invloed heeft op generaties. Voor sommige families spreken we over positieve ontwikkelingen, voor anderen over negatieve.

Inmiddels zijn we aanbeland bij de vierde of vijfde generatie. Dat migreren nu geen probleem meer vormt, geloof ik niet. Migratie is een langzaam proces. Het heeft meer tijd nodig. Migratie beïnvloedt nog steeds de familiestructuur en de cultuur.

Wat bedoelt u?

Ben Driss: Met de veranderende familiestructuur bedoel ik de veranderingen in de positie van de vrouw, de vader, de broers, …

De plaats van broers in een familie bijvoorbeeld is van groot belang. In problematische gevallen kan een broer bijvoorbeeld de positie van een vader innemen. Die man blijft dan verweesd achter met zijn sterke, patriarchale erfenis. Veel organisaties bekommeren zich om de positie en de emancipatie van de vrouw, maar geen enkele richt zich tot de man in de familie.

Nu, de problematiek van het vaderschap leeft ook in de Vlaamse gemeenschap, maar daar is die al langer aan de gang. Een migrant komt in België aan en wordt daar (klapt in de handen) plotsklaps mee geconfronteerd.

Schizofrenie

Wat betekenen die ontwikkelingen voor de identiteit van allochtone jongeren?

Ben Driss: Die veranderingen zadelen adolescenten op met een splitsing, een soort schizofrenie. Thuis leeft de cultuur van het land van herkomst. Daartegenover staat de westerse cultuur waar zij in terechtkomen.

Jongens leven bijvoorbeeld als keizers in huis en hebben zij daar veel macht in handen. Maar daarbuiten bestaat er meer gelijkheid tussen bijvoorbeeld de seksen. Eenmaal buiten huis moeten jongens aan macht inboeten. Hetzelfde geldt voor meisjes. Ook zij moeten schipperen tussen twee posities, twee standpunten.

Migranten komen terecht in een land met andere waarden en normen. Ouders hebben een belangrijke taak. Zij moeten een evenwicht creëren tussen de verschillende omgevingen. Dat is moeilijk.

Hoezo?

Ben Driss: Allochtone jongeren moeten leren omgaan met de splitsing tussen hun land van herkomst en hun westerse toekomst. De tweesprong – tussen hun wortels en hun omgeving – kan voor moeilijkheden zorgen.

Wanneer jongeren er niet in slagen een evenwicht te vinden, kunnen zij agressief reageren. Jongens werken hun agressiviteit uit naar buiten toe, naar de maatschappij. Meisjes uiten die meer intern. Er bestaan redenen waarom het aantal zelfdodingen hoger ligt bij allochtone meisjes dan bij autochtone. Onderzoeken toonden dat in het verleden al aan.

Daarnaast loert het gevaar van culturele regressie om de hoek. Sommige adolescenten trekken zich terug achter hun godsdienst of cultuur. Dit is ook een manier om een identiteit op te bouwen.

Jongeren die hun identiteit zoeken in de islam zijn geen probleem. Wel moet men zich afvragen welke vorm van de islam. Sommige adolescenten kunnen bijvoorbeeld hun godsdienst gebruiken om zich af te zetten tegen de samenleving waarin zij terechtkomen.

Hun wortels zijn dan geen rijkdom meer. Zij bouwen alleen een identiteit op door ergens tegen te zijn.

Ik kreeg onlangs te maken met een moeder van 60 die me vertelde dat haar dochter conservatiever leeft dan zij. Zij begrijpt niet waarom haar dochter zo door het leven gaat.

Adolescenten die hun identiteit opbouwen door zich ergens tegen af te zetten, beschouwen de buitenwereld als een gevaar. Een tripje naar de cinema verandert in een moeilijke uitstap. Ouders hebben daarbij de taak om te bewijzen dat de buitenwereld niet zo gevaarlijk is als hun kinderen denken. Mijn dochter maakt deel uit van de derde generatie. Zij toont interesse in de Marokkaanse cultuur en wil naar Marokko reizen, maar kleedt zich wel Belgisch.

Voor velen gaat migratie om sociale promotie. Vroeger kwamen families naar België om zich op te werken en te klimmen op de sociale ladder.

Ook nu is migratie nog een manier om sociaal te promoveren. Tegenwoordig studeren veel allochtone jongeren aan universiteiten of hogescholen. Sommigen vertellen nadien dat ze geen band meer hebben met hun gemeenschap. Zij zijn dan al sociaal gepromoveerd. In Antwerpen bijvoorbeeld gingen veel migranten bij aankomst in Borgerhout wonen. Sommigen van hun kinderen, die studeren en zich opwerken, verhuizen naar andere wijken. Zij hebben minder voeling met hun omgeving en vertrekken.

Schipperen   

Jongeren moeten dus schipperen tussen waar komen we vandaan en waar gaan we heen. Of begrijp ik u verkeerd?

Ben Driss: (overtuigd) Ja, soms weten jongeren zelfs niet wat hun land van herkomst is. Zij zijn, bij wijze van spreken, stateloos. Migratie is meer dan alleen reizen. Het gaat niet simpelweg om je koffers pakken en vertrekken. Het gaat ook over de overdracht van waarden.

Ik hoor dikwijls vaders – mijn specialisatie – vragen naar de identiteit van hun zonen. Die mannen zitten met hun handen in het haar. Veel ouders hebben niet alleen een verliesgevoel, maar ook een schuldgevoel.

Een ander voorbeeld. De tweede generatie beschouw ik als de offergeneratie. Zij moesten kiezen tussen of hun herkomst of hun westerse omgeving. Zij konden moeilijk kiezen omdat hun mogelijkheden beperkt waren. Zij konden niet gaan of staan waar zij wilden.

Bestaan er verschillen tussen generaties in de omgang met hun herkomst?

Ben Driss: Uiteraard. Iedere generatie heeft een eigen manier om daarmee om te gaan. Het zou me veel tijd kosten om dit allemaal haarfijn uit te leggen. Daar kunnen we uren over praten. Hierbij moet je wel rekening houden met de transgenerationele erfenis.

Transgenerationele erfenis? Leg uit.

Ben Driss: Laat me een voorbeeld geven. De eerste generatie sprak uitsluitend Arabisch toen zij in België aankwam. De tweede sprak Arabisch en leerde een beetje Frans. De derde generatie genoot dan weer een opleiding aan een Nederlandstalige school. Zij spreken dus een beetje Arabisch, een beetje Frans en een beetje Nederlands. Tegelijkertijd erven zij van hun ouders en grootouders kennis van het land van herkomst. Dat is de transgenerationele erfenis. De derde generatie verandert in een compositie, een mengelmoes.

De kwestie van migratie en identiteit wordt steeds complexer. Men gelooft graag dat het makkelijker wordt, maar dat is niet het geval. Naargelang generaties elkaar opvolgen stijgt de complexiteit. Dat is niet noodzakelijk een negatieve ontwikkeling. We moeten die complexiteit wel erkennen en er bewust van zijn. De mens is een complex wezen.

© 2014 – C.H.I.P.S. StampMedia – Tomas Ooms


Dit interview werd eerder gepubliceerd op StampMedia, KifKif en MO.
Advertenties
Dit bericht werd geplaatst in Cultuursensitieve Zorg. Bookmark de permalink .

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s